Athena, a large scale programming lab support tool

Providing a programming lab to a large group of students requires a lot of effort. Often in these cases additional staffing is required to provide students with enough feedback on their work. However, due to resource constraints this is not always possible. This paper presents Athena, a lab support tool that reduces the effort required for programming labs and provides students with adequate and timely feedback. Athena reduces the need for additional staffing and provides students with a better learning experience. Furthermore, it allows for new educational forms for large student groups like programming lab exams.


Bijlagen

2004_Jansen_proceedings.pdf

2004_Jansen_handout.pdf

Nieuwe educatieve internetdiensten: het SURFnet/Kennisnet project

Kennisnet en SURFnet gaan gezamenlijke educatieve internetdiensten ontwikkelen voor het gehele onderwijs. Het gezamenlijke programma richt zich vooral op het realiseren van breedbandige educatieve internettoepassingen en het wegwerken van belemmeringen die het gebruik daarvan in de weg staan. Het gebruiksvriendelijk aanbieden en een op de doelgroep gerichte benadering zullen centraal staan in deze toepassingen.
De samenwerking tussen SURFnet en Kennisnet bestaat uit de volgende vier initiatieven:
1. Koppeling van bestaande SURFnet- en Kennisnetdiensten;
2. Ontwikkelen en faciliteren van breedbandtoepassingen voor het onderwijs (w.o. bewegend beeld en geluid, onderwijsTV , gaming&simulaties en groepscommunicatie via internet);
3. Bundelen van de vraag naar glasvezel om toegang te creëren tot het netwerk;
4. Het scheppen van veilige en eenvoudige toegang vanaf de werkplek..
In deze presentatie zal het gezamenlijke project toegelicht worden en zullen de eerste (voorlopige) resultaten voor het VO gedemonstreerd worden.


Bijlagen

Informaticatoepassingen in de biomedische technologie

Een wetenschapsgebied dat de laatste jaren een enorme vlucht heeft gekregen ten gevolge van de ontwikkelingen in de informatica is de biomedische technologie. Deze ontwikkelingen hebben er onder andere toegeleid dat er binnen de faculteit BioMedische Technologie van de Technische Universiteit Eindhoven een divisie gerealiseerd is die zich richt op het gebruik van Informaticahulpmiddelen op zowel het gebied van de biomedische beeldverwerking als op dat van het modelleren van biomedische processen. Deze processen kunnen zich manifesteren op zeer uiteenlopende lengte- en tijdschalen: van het lengteniveau van een molecuul tot op het niveau van populaties, en op de tijdsas van nanoseconden tot eeuwen. Omdat het experimenteel evident moeilijk is betrouwbare data op dit complex van lengte- en/of tijdschalen te verkrijgen wordt er in het onderzoek veelvuldig gebruik gemaakt van computermodellen en van computersimulaties. Voorbeelden zijn ondermeer het in kaart brengen van genomen, waaronder die bacterieen en die van het menselijke DNA en van muizen, het met behulp van computers voorspellen van eiwitstructuren en het ontstaan van celmembramen, het transport van moleculen door celmembramen, het doorrekenen van veranderingen in botstructuren als gevolg van fysieke belasting en genetische algoritmen.
Tijdens de voordracht zal een aantal van deze voorbeelden gedemonstreerd worden.


Bijlagen

Een opstap naar abstract denken

Er zijn weinig meisjes die exacte vakken kiezen. Dat ligt volgens mij niet aan de meisjes, maar aan de gangbare manier van leren en lesgeven. Dit onderzoek herformuleert een informatieanalysemethode tot een leer- en lesmethode die goed aansluit bij de manier waarop meisjes leren. De methode gaat uit van voorbeelden, vandaar dat zij voorbeeldgestuurd onderwijs is genoemd.


Bijlagen

2004_Boltjes_proceedings.pdf

2004_Boltjes_handout.pdf

Objects First and BlueJ workshop

The workshop is intended to demonstrate to lecturers and tutors how they can maximise their students’ understanding of object-oriented programming. Michael and David discuss their approach to teaching and introduce BlueJ as their chief pedagogical tool within this broader framework. The workshop is an interactive forum in which the attendees put forward the everyday pitfalls and setbacks that they encounter in their teaching. Michael and David then tailor the basic agenda to discuss how they would overcome the various problems suggested. As the day progresses, Michael and David come to challenge many of the confusing and outdated conventions accepted within the teaching of objects and demonstrate how their methodology is much more lucid and understandable for the student. The end of the workshop invites an open discussion the day’s topics.
Overall, the workshop impresses that when teaching concepts as challenging as object-oriented programming, what you leave out can be as important as what you include. Michael and David’s approach, along with BlueJ, exemplify this ethos and their indisputable success as teachers suggests that theirs is a model many would do well to emulate.


Bijlagen

2004_Barnes_ea_handout.pdf

Schakelen tussen bachelor en masteropleidingen

De invoering van het Bachelor Master Systeem in het hoger onderwijs in heel Europa, heeft onder andere als doelstelling een verbetering van de mobiliteit van studenten. Na afronding van een bacheloropleiding aan enig onderwijsinstituut, moeten er goede overstapmogelijkheden zijn naar masteropleidingen aan andere instituten, binnen en buiten Nederland.
Nu daadwerkelijk de bachelor- en masteropleidingen tot stand komen, ontstaan er inderdaad vele overstapmogelijkheden. Aan het overstappen (schakelen) worden nogal eens eisen gesteld, in de zin van een specifieke invulling van de bacheloropleiding, een zeker behaald niveau, of aanvullend te volgen onderwijs in schakelprogramma’s.
Wil een student een goede overstap kunnen maken, dan is juiste informatievoorziening over de mogelijkheden een essentiële voorwaarden. Momenteel is die informatievoorziening erg versnipperd, vaak niet volledig en vanwege de verschillende invulling per instelling ook niet vergelijkbaar.
Om in de informatievoorziening te voldoen, wordt een internetsite ‘BaMaS’ ontwikkeld en geïmplementeerd met informatie over de ict bachelor- en masteropleidingen en de schakelmogelijkheden en programma’s die daartussen zijn gedefinieerd. Dit project wordt uitgevoerd binnen de kaders van de Digitale Universiteit, maar zal ter beschikking komen voor het gehele hoger onderwijs.
Tijdens de presentatie zal opzet, uitwerking en implementatie van de beoogde informatievoorziening uiteen worden gezet.


Bijlagen

Mogelijkheden en onmogelijkheden voor theorie in hedendaags academisch Informatica-onderwijs

De voordracht betreft uiteindelijk de volgende vraag: “Wat is onder de huidige maatschappelijke omstandigheden nog mogelijk op theoriegebied in academisch Informatica-onderwijs?” De minder gunstige factoren zijn onder de huidige omstandigheden: (1) een geringere basis van (beginnende, resp. gevorderde) Informatica-studenten op het vlak van wiskundig redeneren en wiskundig abstraheren, (2) een geringere belangstelling van die studenten voor de (pure) theorie, (3) een geringere ruimte voor studenten om bepaalde thema’s dieper te laten bezinken (resp. om een verdere interesse te ontwikkelen voor dergelijke thema’s).
Als exemplarisch geval bespreek ik: een standaardthema, namelijk “het pomplemma”, uit de theorie van formele talen. Vroeger behoorde dit tot de standaardstof van een hogerejaars Informatica-vak over talen en automaten, maar het lijkt — vanwege de steeds grotere moeite die studenten ermee hebben — onvermijdelijk dit thema uit de tentamenstof te schrappen. Algemene vragen: “Waar gaat dit alles heen?”, “Is het tij nog te keren [ten gunste van theorie-onderwijs]?” Specifieke vraag van concrete didactisch inhoudelijke aard: “Is er in het geval van dit pomplemma toch nog een alternatieve manier van behandelen mogelijk, waardoor de studenten er wel mee uit de voeten kunnen?”


Bijlagen

SPIoN: het sectorprogramma ICT-opleidingen in Nederland

De sector Informatica (HBO en WO) is in beweging. De richting: naar een brede Bachelor of ICT (Bict). In zo´n brede bachelor-opleiding zal, naast een gemeenschappelijk kerncurriculum, de mogelijkheid bestaan voor studenten om zich te specialiseren in een (beroepsgerichte) context. Dat kan een bedrijfskundige context zijn, maar ook een technische, communicatieve, juridische of geneeskundige context zijn. Bestaande ICT-opleidingen worden leerwegen in zo´n brede Bachelor-opleiding.
Vanuit deze gedachte is een sectorprogramma Informatica ontwikkeld (SPIoN: Sectorplan ICT-opleidingen in Nederland) waarin voor een brede Bachelor of ICT onderwijsprogramma´s gedefinieerd worden. Naast deelprojecten om content te verzorgen voor de algemene vakcompetenties voor de Bict (de ´common body of competences´) wordt in dit programma gewerkt aan leerweg-specifiek, contextafhankelijk onderwijs.
Studenten zullen in zo´n brede opleiding veel meer in staat gesteld worden (binnen de grenzen van het gekozen ICT-beroepsprofiel) eigen keuzes te maken. Elementen als assessment, persoonlijk ontwikkelingsplan en (digitaal) portfolio zullen daarbij onvermijdelijk zijn. Gebruik van ICT-hulpmiddelen is noodzakelijk om deze instrumenten effectief en efficiënt in te zetten.
In de bijdrage zal ingegaan worden op de visie en doelstellingen van SPIoN, de uitwerking in concrete deelprojecten en de uitvoering ervan door partners in het HBO en WO. In de discussie zal ruimte zijn om mee te denken over de ambities van het SPIoN-programma.


Bijlagen

2004_Plessius_ea_1_handout.pdf

Project I-mode, samenwerking HBO en bedrijfsleven

Project I-mode is een nieuw project dat dit jaar voor het eerst is uitgevoerd aan het Instituut voor Informatica en Electrotechniek van de Hogeschool van Amsterdam. Dit project is ontwikkeld op basis van 5 jaar ervaring met projectmatig werken en luidt een nieuwe fase in. Het is het eerste project dat studenten die beginnen met een opleiding Informatica doen. Voor de duur van het project zijn studenten ingedeeld in teams die allemaal onderdeel zijn van het (virtuele) bedrijf Omval IT. Omval IT heeft een partnership met KPN-Mobile. Dit partnership bestaat eruit dat Omval IT contentprovider is voor I-mode applicaties. KPN-Mobile draagt zorg voor de infrastructuur en fungeert als klankbord om de kwaliteit te verhogen. De teams hebben de opdracht een applicatie voor het I-mode platform te maken voor de doelgroep 18-22 jarigen. In januari is het project succesvol afgesloten met in totaal ong. 25 applicaties.
Tijdens de workshop zal een presentatie worden gehouden over de opzet van het project. Hierbij zal aandacht zijn voor de volgende aspecten: zelfstandigheid en zelfleerzaamheid van studenten; een bedrijfsmatige omgeving (Omval IT); samenwerking met het bedrijfsleven (KPN-Mobile); rol docenten en school.
Hierna is er de mogelijkheid tot het stellen van vragen en discussie over genoemde aspecten.


Bijlagen

2004_Teitsma_handout.pdf

Informatiebeveiliging, onderwijs in normen en waarden

Een van de doelen van het lectoraat Informatiebeveiliging is het ontwikkelen van onderwijs op het gebied van informatiebeveiliging. Het lectoraat heeft in het afgelopen half jaar een module ontwikkeld voor de opleiding Technische Informatica van de Technische Hogeschool Rijswijk. Naast een theoretisch deel bevat deze module ook een practicumdeel waarbij studenten in diverse rollen kennismaken met de risico’s van een slechte beveiliging van informatiesystemen. Deze module is een prototype geweest om ervaring op te doen.
Op basis van de ervaringen is besloten om nieuw (competentiegericht) onderwijs te ontwikkelen dat als onderwijseenheid is in te zetten in zowel Informatica, Bedrijfskundige Informatica, als Technische Informatica opleiding. Het onderwijs is bedoeld als minor van de ICT-bachelor.
Doelstellingen van dit onderwijs zijn:
. Competentiegericht (kennis, vaardigheden en attitude worden aangebracht)
. Flexibel van opzet (aanpasbaar, schaalbaar en onderhoudbaar)
. Externe certificering (GIAC, Comptia)
. Aantrekkelijk en actueel onderwijs
. Multidisciplinair (functioneel, technologie, organisatorisch, management, wetgeving)
Gestart is met een nader onderzoek naar competenties van informatiebeveiligers. Op basis van dit onderzoek zijn competenties opgesteld (zowel vaktechnische als persoonlijke competenties) en dit vormt tezamen met informatie uit bestaande opleidingen de basis voor het nieuwe te ontwikkelen onderwijs. Vervolgens zijn de onderwerpen benoemd waarbij gekeken is naar alle te ondersteunen disciplines. Voor elk van de onderwerpen worden thans modulen ontwikkeld die bestaan uit workshops van een of meer dagdelen. Naast de workshops zijn praktijkopdrachten gedefinieerd.
Door deze aanpak is het mogelijk om programma’s samen te stellen die:
. zijn in te passen in de verschillende opleidingen (I, BI en TI)
. in voltijd, deeltijd of duale vorm kunnen worden aangeboden
. direct kunnen leiden tot een externe certificering of daarop voorbereiden.


Bijlagen

2004_VanDerHoek_ea_handout.pdf