Producerend of competentiegericht leren

Centraal in deze presentatie staat het veranderingstraject dat ingezet is om de omslag te realiseren van een “traditioneel” leerstof jaarklassensysteem, naar projectonderwijs.
Het kerndoel van dit verandertraject is tweeledig, enerzijds de kwaliteit van het onderwijs verbeteren, anderzijds de relatie met het werkveld, waarvan ICT uitdrukkelijk deel uitmaakt, zodanig vormgeven dat vragen vanuit “de praktijk” als basis dienen voor ons onderwijs.
In deze presentatie zal ruim aandacht besteed worden aan de opbrengsten van dit ingezette traject, naast wat er binnen de organisatie voor nodig is om deze verandering te realiseren. Tot slot wordt stapsgewijs benoemd, welke stappen wij gezet hebben om vragen vanuit het werkveld te kunnen vertalen in onderwijs.


Bijlagen

Forum: IP-HOB (1) Informatica-beroepsprofielen en -opleidingsprofielen nu en over 5 jaar

Werkwijze
De forumsessie start onder regie van de voorzitter met korte presentaties van circa 5 minuten door ieder van de participanten. Daarin worden inventieve ideeën ontvouwd, interessante voorstellen toegelicht, geboekte resultaten besproken of pregnante stellingen ingebracht. Vervolgens vindt er interactie onderling en met de zaal plaats. Het is aan de voorzitter om – met de inbreng van alle discussianten – toe te werken naar concrete uitspraken of actiepunten. Hieraan wordt dan aandacht besteed in TINFON, Tijdschrift voor informatica-onderwijs.
Thema
Recent zijn er verschillende beschrijvingen van informatica-beroepsprofielen en -opleidingsprofielen verschenen. Een aantal daarvan komt aan bod in deze sessie. Maar we stellen onszelf ook een reeks vragen, zoals:
– Zitten bedrijfsleven en hoger onderwijs op hetzelfde spoor als ze praten over beroeps- en opleidingsprofielen voor informatica?
– Hoe zijn opleidingsprofielen af te leiden uit beroepsprofielen?
– Is er momenteel een kloof en zo ja hoe en in hoeverre is die kloof te dichten?
– Hoe anticipeert het onderwijs op de mogelijk nadelige effecten van een vrij lange verblijfstijd in het onderwijs (ten minste 4 jaar), terwijl de ontwikkelingen onderhand doorgaan?
– Hoe kan het bedrijfsleven concreet en betrouwbaar bijdragen om dergelijke effecten te minimaliseren?
– Hoe wegen we bij informatica vaardigheden en attitude versus kennis en inzicht?
– Hoe gaan we bij informatica om met het onderscheid WO-HBO?
– Hoe kunnen we betrouwbare uitspraken krijgen over de te realiseren profielen over 5 jaar? Of kan dat niet?
Wat is lP-HOB?
Eind 1996 is het InformaticaPlatform Hoger Onderwijs-Bedrijfsleven (IP-HOB) opgericht. In het platform participeren met 1 of 2 leden: de VSNU-Informaticakamer, het HBO-Informatica-platform, FENIT, VIFKA, VNO-NCW. De ministeries van OC&W en EZ nemen deel als waarnemer. Het platform onderhoudt contacten met andere voor het werkterrein relevante organisaties. Doel van het platform IP-HOB is het door de deelnemende organisaties gezamenlijk ondernemen van acties in het belang van de kwaliteit van en de belangstelling voor het (hoger) informatica-onderwijs.
Meer informatie bij de secretaris van het IP-HOB: drs. A. Renique, VNO-NCW, email: AJEGRenique@vno-ncw.nl, tel: 070-3490221.


Bijlagen

Forum: IP-HOB (2) Nieuwe opleidingswegen naar het informatica-beroep

Werkwijze
De forumsessie start onder regie van de voorzitter met korte presentaties van circa 5 minuten door ieder van de participanten. Daarin worden inventieve ideeën ontvouwd, interessante voorstellen toegelicht, geboekte resultaten besproken of pregnante stellingen ingebracht. Vervolgens vindt er interactie onderling en met de zaal plaats. Het is aan de voorzitter om – met de inbreng van alle discussianten – toe te werken naar concrete uitspraken of actiepunten. Hieraan wordt dan aandacht besteed in TINFON, Tijdschrift voor informatica-onderwijs.
Thema
De bekende weg om informaticus te worden is vier jaar of langer een informatica-opleiding volgen aan’ een hogeschool of universiteit. Maar we kennen ook al lang de deeltijdtrajecten, de niet-reguliere opleidingen (zoals AMBI) en het onderwijsaanbod van de Open Universiteit; in al deze gevallen is er over het algemeen sprake van iets oudere studenten die studeren combineren met werken. En in de bloeitijd voor informatica waren er plannen (vanuit het bedrijfsleven) voor het stichten van een zelfstandige Informatica Universiteit. Door de grote tekorten op de arbeidsmarkt aan informatici liepen er toen ook diverse projecten tot omscholing van werkloze academici en hbo’ers (zoals PION). Ook nu weer is de arbeidsmarkt overspannen. wat leidt tot uiterst competitieve wervingscampagnes en – opnieuw – tot allerlei omscholingstrajecten. Maar er dienen zich ook nieuwe opleidingswegen aan. Het combineren van studeren en werken in de ICT -branche direct na het behalen van HAVO- of VWO-diploma lijkt een aantrekkelijk alternatief te worden voor het gangbare voltijdse traject: een soort leerlingwezen voor het hoger onderwijs. De steeds krapper wordende studiefinanciering draagt daar aan bij. maar ook de behoefte van het bedrijfsleven aan meer interactie met het hoger onderwijs.
Hoe zien universiteiten. hogescholen. niet-reguliere opleidingsinstituten en bedrijfsleven deze ontwikkelingen? Als kansen of bedreigingen? In termen van samenwerking of concurrentie? Als illusoir of haalbaar?
Wat is lP-HOB?
Eind 1996 is het InformaticaPlatform Hoger Onderwijs-Bedrijfsleven (IP-HOB) opgericht. In het platform participeren met 1 of 2 leden: de VSNU-Informaticakamer, het HBO-Informatica-platform, FENIT, VIFKA, VNO-NCW. De ministeries van OC&W en EZ nemen deel als waarnemer. Het platform onderhoudt contacten met andere voor het werkterrein relevante organisaties. Doel van het platform IP-HOB is het door de deelnemende organisaties gezamenlijk ondernemen van acties in het belang van de kwaliteit van en de belangstelling voor het (hoger) informatica-onderwijs.
Meer informatie bij de secretaris van het IP-HOB: drs. A. Renique, VNO-NCW, email: AJEGRenique@vno-ncw.nl, tel: 070-3490221.


Bijlagen

Forum: IP-HOB (3) Kwaliteit van het hoger informatica-onderwijs: de rol van visitaties en verkenningen

Werkwijze
De forumsessie start onder regie van de voorzitter met korte presentaties van circa 5 minuten door ieder van de participanten. Daarin worden inventieve ideeën ontvouwd, interessante voorstellen toegelicht, geboekte resultaten besproken of pregnante stellingen ingebracht. Vervolgens vindt er interactie onderling en met de zaal plaats. Het is aan de voorzitter om – met de inbreng van alle discussianten – toe te werken naar concrete uitspraken of actiepunten. Hieraan wordt dan aandacht besteed in TINFON, Tijdschrift voor informatica-onderwijs.
Thema
De universiteiten en hogescholen hanteren een intensief systeem van kwaliteitszorg met als instrument de ‘visitatie’, uitgevoerd door een externe commissie. Daarnaast zijn er de ‘verkenningen’ die aan onderzoek maar ook aan onderwijs inhoudelijk richting moeten geven. We stellen onszelf hierbij onder meer de volgende vragen:
– Wat waren de belangrijkste resultaten van de informatica-visitaties in HBO en WO én van de informatica-verkenning in 1996?
– Wat zijn opvallende verschillen tussen de HBO- en WO-visitatie?
– Zijn de resultaten goed weergegeven in de pers en de Keuzegids Hoger Onderwijs? Is het tijd voor ‘officiële’ ranglijsten van opleidingen?
– Hoe waarderen de opleidingen de visitatie en hoe leidt deze tot maatregelen?
– Wat kan het onderwijs leren van de aanpak in het bedrijfsleven rondom kwaliteit?
– Wat kunnen anderen leren van het kwaliteitszorgsysteem van het hoger onderwijs?
– Hoe zou in de volgende ronde het visitatieproces in WO en HBO moeten verlopen en wat zou idealiter de relatie zijn met het bedrijfsleven en een eventuele verkenning?
Wat is lP-HOB?
Eind 1996 is het InformaticaPlatform Hoger Onderwijs-Bedrijfsleven (IP-HOB) opgericht. In het platform participeren met 1 of 2 leden: de VSNU-Informaticakamer, het HBO-Informatica-platform, FENIT, VIFKA, VNO-NCW. De ministeries van OC&W en EZ nemen deel als waarnemer. Het platform onderhoudt contacten met andere voor het werkterrein relevante organisaties. Doel van het platform IP-HOB is het door de deelnemende organisaties gezamenlijk ondernemen van acties in het belang van de kwaliteit van en de belangstelling voor het (hoger) informatica-onderwijs.
Meer informatie bij de secretaris van het IP-HOB: drs. A. Renique, VNO-NCW, email: AJEGRenique@vno-ncw.nl, tel: 070-3490221.


Bijlagen

Forum: IP-HOB (4) Scholing van docenten in het voortgezet onderwijs voor het nieuwe keuzevak informatica

Werkwijze
De forumsessie start onder regie van de voorzitter met korte presentaties van circa 5 minuten door ieder van de participanten. Daarin worden inventieve ideeën ontvouwd, interessante voorstellen toegelicht, geboekte resultaten besproken of pregnante stellingen ingebracht. Vervolgens vindt er interactie onderling en met de zaal plaats. Het is aan de voorzitter om – met de inbreng van alle discussianten – toe te werken naar concrete uitspraken of actiepunten. Hieraan wordt dan aandacht besteed in TINFON, Tijdschrift voor informatica-onderwijs.
Thema
In het schooljaar ’98f99 start in de tweede fase van het voorgezet onderwijs (VO) het nieuwe keuzevak informatica (VWO: 280 uur, HAVO: 240 uur). Een cruciale voorwaarde is dat er bekwame (en bevoegde) docenten zijn; hiervoor zijn dringend scholingsprogramma’s nodig. Vragen die we onszelf in dit kader stellen zijn bijvoorbeeld:
– Wat zouden de eindtermen moeten zijn voor de scholing tot informatica-docent?
– Wat zouden inhoud en studielast van het scholingsprogramma moeten zijn?
– Hoe ligt de belangstelling voor het vak onder leerlingen en docenten en bij de schoolleiding?
– Hoeveel docenten zijn er nodig en hoeveel VO-docenten zijn al bekwaam?
– Hoe faciliteert de overheid de scholing tot informatica-docent?
– Wat kunnen hoger onderwijs en bedrijfsleven bijdragen aan de scholingsprogramma’s en eventueel bij het verzorgen van het VO-vak zelf?
– Hoe zit het met de bevoegdheid? En komt er een reguliere lerarenopleiding?
– Waar lopen al initiatieven? Is er onderlinge afstemming?
– Wat zijn, gegeven de grote tijdsdruk en nog onduidelijke financiering, aanvaardbare oplossingen om toch op verantwoorde wijze in ’98 te kunnen starten?
Wat is lP-HOB?
Eind 1996 is het InformaticaPlatform Hoger Onderwijs-Bedrijfsleven (IP-HOB) opgericht. In het platform participeren met 1 of 2 leden: de VSNU-Informaticakamer, het HBO-Informatica-platform, FENIT, VIFKA, VNO-NCW. De ministeries van OC&W en EZ nemen deel als waarnemer. Het platform onderhoudt contacten met andere voor het werkterrein relevante organisaties. Doel van het platform IP-HOB is het door de deelnemende organisaties gezamenlijk ondernemen van acties in het belang van de kwaliteit van en de belangstelling voor het (hoger) informatica-onderwijs.
Meer informatie bij de secretaris van het IP-HOB: drs. A. Renique, VNO-NCW, email: AJEGRenique@vno-ncw.nl, tel: 070-3490221.


Bijlagen

Opleiding docent Technische Informatica

In augustus 1992 is de PTH gestart met de 4-jarige opleiding “Docent TI”. De eerste diploma’s zijn in juli 1996 uitgereikt. Inmiddels komt de tweede lichting docenten eraan en is het tijd de ervaringen te evalueren.
De PTH is de enige opleiding voor docenten in technische vakken. Reeds in de jaren 80 zijn verzoeken geschreven naar het Ministerie van Onderwijs om een opleiding docent Informatica te mogen starten. Het antwoord was steeds dat Informatica geïntegreerd moet zijn in de reeds bestaande vakken.
In 1988 zijn 4 MTO-scholen gestart met de studierichting TI. Het leerplan, opgesteld door deze 4 scholen is in 1992 door het Ministerie van Onderwijs goedgekeurd. In 1993 en 1994 is het aantal scholen uitgebreid tot ongeveer 20.
Deze opleiding richt zich met name op het bouwen en beheren van geautomatiseerde systemen. Hiervoor is naast kennis op het gebied van informatiesystemen, programmeertalen en computersystemen ook kennis nodig van de context van informatica. Een automatiseerder moet
namelijk “kunnen meepraten” met degene die zijn omgeving wil laten automatiseren.
De PTH heeft op deze ontwikkeling gereageerd door de opleiding docent TI te starten. Bij studenten is gebleken dat het programma over het algemeen goed aanslaat. Vooral vanuit bedrijven is veel belangstelling voor afgestudeerden docent TI. Toch geven de ervaringen aan dat er wijzigingen gewenst zijn, omdat naast de vakinhoudelijke vernieuwingen er ook onderwijskundig nieuwe inzichten zijn. En last but not least: het moet betaalbaar zijn en blijven.


Bijlagen