Het landelijke examen voor de AMBI-module “Gegevensanalyse, -modelleringen -beheer” (HB.2) van de Stichting EXIN, is gebruikt voor een analyse van vier gegevensmodeltypen, te weten: het relationele model, het semantische model, het EAR model en het binaire model. Vergelijking van de modeltypen was mogelijk omdat het examen een groot aantal kandidaten had met dezelfde vooropleiding op het gebied van gegevensmodellering.
Het HB.2 examen bestaat in het algemeen uit een gedeelte met meerkeuzevragen betreffende de gehele stof (met vragen homogeen verdeeld over de modeltypen) en een omvangrijke ontwerpvraag waarbij op basis van een gegeven casusbeschrijving een gegevensmodel moet worden ontworpen volgens een van de vier aangegeven modeltypen. Voor het examen geldt een totale uitwerktijd van 3 uur waarvan 75 minuten voor de ontwerpvraag. Normaliter is er bij de ontwerpvraag geen keuze. Bij het examen van 3 mei 1994 mocht de kandidaat echter zelf het modeltype voor de ontwerpvraag kiezen. Dit maakte het mogelijk om de resultaten bij de verschillende modeltypen met elkaar in verband te brengen.
Met medewerking van de Stichting EXIN zijn na het examen enkele analyses op de resultaten uitgevoerd met enkele opvallende conclusies over de modeltypen.
Vergelijkende studie van enkele datamodellen
Het landelijke examen voor de AMBI-module “Gegevensanalyse, -modellering en -beheer” (HB.2) van de Stichting EXIN, is gebruikt voor een analyse van vier gegevensmodeltypen, te weten: het relationele model, het semantische model, het EAR model en het binaire model. Vergelijking van de modeltypen was mogelijk omdat het examen een groot aantal kandidaten had met dezelfde vooropleiding op het gebied van gegevensmodellering.
Het HB.2 examen bestaat in het algemeen uit een gedeelte met meerkeuzevragen betreffende de gehele stof (met vragen homogeen verdeeld over de modeltypen) en een omvangrijke ontwerpvraag waarbij op basis van een gegeven casusbeschrijving een gegevensmodel moet worden ontworpen volgens een van de vier aangegeven modeltypen. Voor het examen geldt een totale uitwerktijd van 3 uur waarvan 75 minuten voor de ontwerpvraag. Normaliter is er bij de ontwerpvraag geen keuze. Bij het examen van 3 mei 1994 mocht de kandidaat echter zelf het modeltype voor de ontwerpvraag kiezen. Dit maakte het mogelijk om de resultaten bij de verschillende modeltypen met elkaar in verband te brengen.
Met medewerking van de Stichting EXIN zijn na het examen enkele analyses op de resultaten uitgevoerd met enkele opvallende conclusies over de modeltypen.
Bijlagen
Noodzaak van communicatie-onderwijs: open deur of illusie?
Gedurende de opleiding is communicatie een makkelijk vak. In de praktijk blijkt communicatie echter vaak een enorm probleem. Wie kent er geen verhalen over bijvoorbeeld het falen van informatiesystemen – niet door een gebrek aan vakkennis maar door een gebrekkige communicatie? In hoeverre is er sprake van een falend onderwijs (in communicatie) en wat valt daaraan te doen? In deze samenvatting beperk me ik tot een voorbeeld over een onderdeel.
Bijlagen
Kwaliteitszorg in BVE-instellingen
a. Wie of wat is de Vereniging BVE
b. Achtergronden kwaliteitszorg in de BVE-sector
c. Kwaliteitszorg in het Middelbaar Beroepsonderwijs in Nederland. Daarbij wordt aandacht besteed aan de navolgende aspecten:
* kwaliteitsdefinitie
* de klanten van het secundair beroepsonderwijs
* huidige kwaliteitsbewakingsinstrumenten
* systematische kwaliteitszorg
* uitgangspunten kwaliteitszorgstelsels
* referentiekader kwaliteitszorg
* stand van zaken kwaliteitszorg in de BVE-sector
* kwaliteitszorg in de BVE-sector 1994-2000
* relatie interne kwaliteitszorg / externe kwaliteitszorg d.i. visitatie
* actuele stand van zaken visitatie in het mbo
Bijlagen
Het ontwikkelingstraject van eindtermen voor Technische Informatica
niet beschikbaar
Bijlagen
Terug naar af… of stap vooruit? Informatica in het MEAO
De MEAO-opleiding was begin jaren ’80 voorloper in het (voortgezet / beroeps) onderwijs met een examenvak Informatica.
Bij de herziening via eindtermen en modularisering per 1-8-1993 is gestreefd naar integratie (voor het gros van de cursisten) en specialisatie (voor enkelen).
Een overzicht en waardering.
Bijlagen
Evaluatie van de kwaliteit van het PAO-Informatica
Het PAO-Informatica geeft uitsluitend korte cursussen, uiteenlopend van 1 tot 7 dagen. Omdat deze cursussen vaak ook nog in een aaneengesloten blok worden gegeven zijn er weinig mogelijkheden tot tussentijds evalueren en, zo nodig, bijsturen. Tot op heden werd aan de cursisten slechts direct na afloop van de cursus een oordeel gevraagd over de kwaliteit van het aanbod van het PAO-Informatica. Om ook eens op een ander moment het (algemene) oordeel van onze klanten over onze dienstverlening te vernemen, heeft het PAO-Informatica in het voorjaar van 1994 een enquête gehouden onder alle oud-cursisten van 1993.
In deze presentatie worden de resultaten van deze enquête gepresenteerd en wordt besproken, welke conclusies daaruit getrokken kunnen worden voor een verbetering van de kwaliteit van het postacademisch onderwijs in de informatica.
Bijlagen
Het middelbaar beroepsonderwijs in het jaar 2000
Onder invloed van Nieuwe Technologieën zal met name het middelbaar beroepsonderwijs richting het jaar 2000 op grondige wijze van karakter veranderen. Welke trends zijn in dat proces te ontdekken, welke randvoorwaarden zijn nodig en hoe kan het onderwijs op deze ontwikkeling inspelen.
Bijlagen
Informatica in opleidingen: meten en vergelijken met UCSI
Met UCSI (Unified Classification Scheme for Informatics) en de daarbij behorende classificatiemethode is het mogelijk om de informatica component in opleidingen op objectieve wijze met elkaar te vergelijken. De classificatiemethode is in ontwikkeling en is mede gebaseerd op ervaringen die opgedaan zijn bij een pilot project in 1993 en 1994 in het hoger beroepsonderwijs. De eerste resultaten van een recente vergelijking van enkele curricula uit het hoger onderwijs geven een beeld van de mogelijkheden van de methode.
Om de componenten van een leerplan te onderkennen, te registreren en vast te leggen is een standaard nodig. Hiertoe is in de periode 1990 tot en met 1992 het UCSI schema ontwikkeld. Een voorbeeld laat zien hoe UCSI gebruikt kan worden binnen een opleiding. Dit leidt tot overzichten, gegroepeerd per vak, per studiejaar of per opleiding, waar uit af te lezen valt hoe een opleiding is opgebouwd. Op deze wijze is het mogelijk om de veranderingen en de actualiteit van het curriculum in opeenvolgende studiejaren in een opleiding te volgen. Vergelijking van leerplannen van verschillende opleidingen op een tijdstip kunnen in belangrijke mate bijdragen aan het inzicht in het aanbod van informatica-onderwijs in een regio of in een branche.
Bijlagen
De nieuwe voorstellen voor informatica-onderwijs in de bovenbouw van havo en vwo
Het doel van deze presentatie is de deelnemers te betrekken bij de ontwikkelingen voor informatica-onderwijs in de nieuwe bovenbouw van havo en vwo. Over de plaats en de inhoud van het informatica-onderwijs in de nieuwe bovenbouw van havo en vwo heerst nog wel enige onduidelijkheid, maar in deze presentatie worden de deelnemers geïnformeerd over:
– de aansluiting van informatica-onderwijs aan informatiekunde in de basisvorming;
– de afstemming van informatica-onderwijs op het hoger onderwijs;
– verdieping van aspecten van informatica en toepassingen van informatica geïntegreerd in een aantal examenvakken;
– een zelfstandig keuze examenvak informatica.
De deelnemers krijgen volop de gelegenheid om hun mening te geven over en suggesties te doen voor het informatica-onderwijs in de nieuwe boven bouw van havo en vwo.
