Kwalificaties geven aan wat mensen kennen en kunnen. Ze spelen een belangrijke rol in de communicatie op de arbeidsmarkt. Werknemers, werkzoekenden, studenten en afgestudeerden gebruiken hun kwalificaties om te laten zien wat ze te bieden hebben. Werkgevers vragen om bepaalde kwalificaties. Opleidingsinstituten laten zien welke kwalificaties ze helpen ontwikkelen. Arbeidsbemiddelaars willen zowel het aanbod als de vraag in beeld hebben. Het gaat op de arbeidsmarkt allereerst om het verbinden van vraag en aanbod.
Een consortium bestaande uit SLO en Stoas hebben vele kwalificaties bijeengebracht in de databank Kwalificatiestandaards.
De databank Kwalificatiestandaards helpt om zowel vraag als aanbod inzichtelijk te maken voor verschillende gebruikers.
Doel van de presentatie is de verschillende gebruikersgroepen te informeren over de bedoeling van de databank en het verzamelen van informatie bij de deelnemers over hun verwachtingen ervan. Dit laatste zal op een IT wijze tot stand komen.
Het Imago van I
Meisjes zijn nog steeds niet geïnteresseerd in informatica. Dat is een van de conclusies uit het rapport ‘Het Imago van I’ van het HBO-I. Dit samenwerkingsverband van hbo-informaticaopleidingen in Nederland heeft in 2001 onderzoek gedaan naar de aantrekkingskracht van informatica(opleidingen) onder scholieren in het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs. Alhoewel het beeld dat jongeren van informatica hebben, de afgelopen jaren is verbeterd, blijft het vakgebied kampen met een hardnekkig technisch imago dat met name meisjes afschrikt. Naast het aanbieden van aantrekkelijkere informaticaopleidingen, die de feitelijke diversiteit van het vakgebied weerspiegelen, is ook goede voorlichting over concrete beroepsmogelijkheden nodig om de huidige instroom – van meisjes en jongens – te vergroten. Onder het motto ‘detechnocratiseer en werf meer’ kan het HBO-I grenzenloos groeien.
Bijlagen
Learning for Mastery
EDEN-Support is een web based onderwijs-supportorganisatie. In beginsel kan elke vakinhoud in het support systeem worden opgenomen. Een centraal database management systeem regelt de gegevensopslag, alsmede de in- en uitvoer daarvan, en handelt alle procedures met de gebruikers (leerlingen, tutors, auteurs, ouders) af. Leerlingen en auteurs kunnen zowel online als offline werken. Studieresultaten en studiegedrag worden automatisch geëvalueerd. EDEN-Support wordt ontwikkeld met steun van het Ministerie van Economische zaken. Het educatief ontwerp is gebaseerd op Learning for Mastery. Het technologisch ontwerp richt zich op het faciliteren van open source communities van auteurs (leerstof ontwikkeling) en van leerlingen (samen studeren), op ‘repacking’ van bestaand lesmateriaal en op het minimaliseren van de kosten.
Tijdens de presentatie zullen twee voorbeelden worden gegeven: Mathesis (wiskunde) en Lexis (Nederlands).
Bijlagen
Active learning
Het onderwijs werkt nog veel met begrippen als leerjaar, klas, onderwijsprogramma, college en collegerooster. Al deze zaken vertragen het vergaren van individuele competenties door studenten. In het Instituut voor Information Engineering is een aantal oplossingen ontwikkeld om studenten een meer individueel gerichte opleiding te bieden, waarbij versnellingsmogelijkheden reëel aanwezig zijn. Bert Pinkster (docent informatica IE) schetst de situatie in Almere met co-makers, 3 onderwijsfasen, flankerend onderwijs, vakoverstijgende colleges, werkgroepen en team floor teaching (TFT).
Bijlagen
Een object-georienteerde en geintegreerd onderwijsprogramma
In veel ICT-opleidingen wordt objectoriëntatie als aanvulling op een bestaand onderwijsprogramma aangeboden. Daarmee wordt een andere invalshoek geboden. In Almere is objectoriëntatie echter de basis van het onderwijsprogramma. Vanaf de start van de opleiding krijgen studenten te maken met objectgeoriënteerd modelleren en realiseren. In een aantal gevallen wordt ook vakoverstijgend gewerkt. Zo wordt bijvoorbeeld de module requirements gegeven door twee docenten waarvan de een uit het vakgebied communicatie afkomstig is en de ander uit het vakgebied informatica. Hierdoor krijgen studenten een geïntegreerd onderwijsaanbod en gaan docenten over de grenzen van hun vakgebied aansluiting zoeken met andere vakken. Gerlof Donga (coördinator onderwijs IE, Almere) vertelt hier meer over.
Bijlagen
Acadoo’s Best Practice: ABN AMRO Academy IT web
Acadoo heeft voor ABN AMRO een leerportaal ontwikkeld dat ICT-medewerkers in staat stelt hun ICT-competenties structureel op peil te houden. Met dit leerportaal kunnen de medewerkers van ABN AMRO zowel thuis als vanaf de eigen werkplek gebruik maken van de faciliteiten die Acadoo biedt. Ze kunnen gebruik maken van verschillende toepassingen, waaronder een competentieassessment, opleidingsadviezen en een catalogus waaruit zowel traditionele als e-learningcursussen besteld kunnen worden. Managers krijgen eveneens toegang, zodat zij de ontwikkeling van hun medewerkers kunnen bijhouden, autoriseren en een overzicht krijgen van belangrijke IT-competenties binnen de organisatie.
In deze presentatie hoort u hoe ABN AMRO’s leerportaal tot stand is gekomen en wat de ervaringen zijn nu een grote groep ICT-medewerkers is aangesloten op het leerportaal.
Bijlagen
Het keuze-examenvak Informatica havo/vwo in blijvende ontwikkeling. E-nerverend!
Leerlingen in alle profielen van de tweede fase voortgezet onderwijs kunnen sedert 1998 kiezen voor het examenvak Informatica. De helft van de scholen biedt het vak aan. Het aantal leerlingen dat Informatica kiest op die scholen is gemiddeld 19%.
De invoering van Informatica verliep niet probleemloos. Aanvankelijk ontbrak het aan lesmaterialen en voldoende gekwalificeerde docenten. Inmiddels zijn er drie volledige lesmethoden beschikbaar en 300 docenten omgeschoold. De invoering van de vernieuwde tweede fase bleek met veel problemen gepaard te gaan.
Overladenheid is een van de meest genoemde problemen. Dat leidde tot allerlei ’tijdelijke’ maatregelen die het ministerie van OCenW nam. Het beleid voor meer ‘permanente’ aanpassingen van de tweede fase per 2005 lijkt voor de groter examenvakken in het vrije deel, zoals Informatica, weer gunstiger te zijn.
Informatica is ondanks vak- en invoeringsproblemen geen probleemvak. Wat zijn nu de knelpunten en successen in de schoolpraktijk? Welke consequenties hebben deze voor het onderhoud aan het examenprogramma? En welke betekenis heeft het vak voor het hoger onderwijs?
Bijlagen
Uitdagen en orienteren op ICT competenties met webdesign
Webdesign is een activiteit die studenten op diverse manieren uitdaagt. Voor ICT opleidingen en ICT opleiders is het een uitdaging om een leeromgeving te creëren waarin ICT competenties kunnen worden ontwikkeld. Deze uitdagingen zijn uitstekend te combineren zoals getoond wordt aan de hand van voorbeelden uit de opleiding BedrijfslnformatieTechnologie (BIT) van de Universiteit Twente. In de workshop staat het benutten van constructieve frictie, en de daarbij behorende emoties, die de leeropbrengst versterkt, centraal. Er zal gewerkt worden volgens het “teach as you preach” principe. Hierbij wordt een diversiteit aan werkvormen, peer review, rollenspelen, portfolio en mini-workshops besproken en gehanteerd om te oriënteren op een variëteit aan ICT competenties en competentiegericht leren. In de voorbeelden spelen, ontwerpen, security-aspecten, het gebruik van tools, communicatieve vaardigheden, grafische vormgeving, projectmatigwerken en samenwerken een rol.
Bijlagen
Visualisatie van het Objectgeorienteerde Paradigma
Het onderwijs in programmeren maakt een wezenlijk deel uit van elke informatica-opleiding. Veel opleidingen kiezen ervoor dit onderwijs te schoeien op objectgeoriënteerde leest. Voor studenten die voor het eerst met dit paradigma geconfronteerd worden blijkt het vaak lastig te zijn zich een voorstelling te maken van wat er bij de uitvoering van een programma nu precies gebeurt.
In deze bijdrage gaat het om een grafische notatie die erop gericht is om de principes van de werking van objectgeoriënteerde programma’s zichtbaar te maken. Niet alleen kunnen objecten met hun onderlinge samenhang worden weergegeven, maar ook “lopende methoden” binnen die objecten. Deze vorm van visualisatie is vooral bedoeld voor het initiële leertraject, waarin studenten zich de concepten van objecten en hun samenhang en samenwerking eigen moeten maken.
Bijlagen
Het Ngi, onmisbaar ICT-platform!
Het Ngi kende jaren van terugloop van het aantal leden en zag bovendien de populatie vergrijzen. Met nieuw elan streeft het bestuur, onder leiding van een nieuwe voorzitter, naar revitalisering van de vereniging. Een citaat van de voorzitter: “Naar een onmisbaar platform voor iedereen die gepassioneerd met het ICT-vak bezig is!” De resultaten van het nieuwe beleid moeten al zichtbaar worden in de tweede helft van 2001.
Het Ngi mag vooral worden gezien als een platform waar omvangrijke kennis, kunde en ervaring op alle relevante ICT-gebieden aanwezig bij leden samen komt. Met deze gebundelde kennis kunnen leden intern tijdens bijeenkomsten, lezingen, seminars, congressen zich vakmatig verder ontwikkelen. Het Ngi-netwerk is door leden ook te gebruiken om snel antwoord te krijgen op een operationele vraag of om mogelijkheden voor een vacante (top)functie te verkennen. Extern is deze opgebouwde ICT-kennis en kunde ook te gebruiken door organisaties, bedrijven, overheden en individuen ten einde ICT breed en doelmatig in maatschappelijke- en bedrijfskundige processen in te kunnen zetten.
Hiertoe gaat het Ngi communiceren: laten zien wat het Ngi is en wat er allemaal gebeurt. Laten zien wat ICT-professionals aan het Ngi hebben, in termen van kennis en in termen van kennissen.
Deze presentatie zal interactief ondersteund worden met een aantal stellingen, zoals
+Waarom lid zijn van het Ngi
+Maatschappelijke relevantie van Ngi en lidmaatschap
+Wat is er te halen en wat te brengen
etc.
