Producerend of competentiegericht leren

Centraal in deze presentatie staat het veranderingstraject dat ingezet is om de omslag te realiseren van een “traditioneel” leerstof jaarklassensysteem, naar projectonderwijs.
Het kerndoel van dit verandertraject is tweeledig, enerzijds de kwaliteit van het onderwijs verbeteren, anderzijds de relatie met het werkveld, waarvan ICT uitdrukkelijk deel uitmaakt, zodanig vormgeven dat vragen vanuit “de praktijk” als basis dienen voor ons onderwijs.
In deze presentatie zal ruim aandacht besteed worden aan de opbrengsten van dit ingezette traject, naast wat er binnen de organisatie voor nodig is om deze verandering te realiseren. Tot slot wordt stapsgewijs benoemd, welke stappen wij gezet hebben om vragen vanuit het werkveld te kunnen vertalen in onderwijs.


Bijlagen

Skilltraining achter de pc (van “schijnbaar onzinnig” naar “blijkbaar efficient”)

De Interactieve Website Projectvaardigheden (IPW) is een hulpmiddel bij het aanleren van diverse vaardigheden (http://www.cs.utwente.nl/~oosterhu/oictweb/oictnieuw). Voor studenten is de IPW een hulpmiddel om het functioneren in projectonderwijs te optimaliseren.
De Interactieve Website Projectvaardigheden kenmerkt zich als een leermiddel dat bij uitstek gebruik maakt van de interactieve mogelijkheden van het internet. Zo zijn er interactieve vragenlijsten voor studenten om na te gaan op welk niveau zij bepaalde vaardigheden beheersen. Ook kunnen studenten deze vragenlijsten invullen om na afloop van een project na te gaan of hun competenties zijn verbeterd. Verder zijn er videoclips die ingebed zijn in cases en oefeningen. Op deze manier kunnen studenten situaties met een hoog realiteitsgehalte bekijken, analyseren en beoordelen. Bovendien kunnen ze hun antwoorden vergelijken met antwoorden van medestudenten en daarover discussiëren. De Interactieve Website Projectvaardigheden is een leermiddel ter ondersteuning van projectonderwijs.


Bijlagen

2002_Oosterhuis_handout.pdf

2002_Oosterhuis_paper.pdf

Over Informatica in de tweede fase (en hoe je leerlingen kunt aanzetten tot zelfstandig leren)

De methode Informatica (Edu’Actief) is voor de eerste maal volledig herzien en er is gekozen voor een didactische aanpak waar de leerling centraal in staat. Naast het schrijven van een goede methode besteden de schrijvers ook aandacht aan de docent omdat zij weten dat de docenten hun opleiding pas hebben afgesloten of er nog moeten beginnen.
Informatica is een vak waar leerlingen praktisch opdrachten kunnen doen en leent zich voor zelfstandig werken. Bovendien is er bij de docenten, ook de ervarene, sprake van een generation-lap in plaats van een generation-gap in hun verhouding met leerlingen omdat eerder verworven ICT-competenties van leerlingen, door internet en het feit dat de huidige generatie opgevoed is met de computer, nadrukkelijk aanwezig zijn.
In de discussie willen de presentatoren in gaan over hoe de docent zich in dit vak met de beschreven omgeving zou kunnen positioneren om leerlingen zelf te laten werken en nieuwe ontwikkelingen in het vakgebied aan bod laten komen. Dit alles zonder 16 uur per dag bezig te zijn met Informatica.


Bijlagen

Taskforce “werken aan ICT”

De Adviesraad voor Wetenschaps- en Technologiebeleid (AWT) heeft geconstateerd dat er in Nederland een structureel tekort aan informatici is. De Minister van Economische Zaken heeft aanvullend onderzoek laten doen om de bevindingen van de AWT te toetsen in het veld en het probleem verder te differentiëren. Uit het aanvullende onderzoek blijkt dat het kwantitatief tekort inderdaad omvangrijk is.
Het Kabinet is van mening dat het oplossen van dit probleem meer samenwerking en afstemming tussen opleidingsinstellingen en bedrijven vereist. De overheid zal hierbij een katalyserende rol vervullen. Oplossingsrichtingen zijn het verbeteren van het imago van Informatie en Communicatie Technologie (ICT), het verbeteren van de aansluiting van de opleidingen op de arbeidsmarkt en het betrekken van nieuwe doelgroepen.
De Ministeries van Economische Zaken (EZ) en Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW) hebben samen met bedrijfsleven het initiatief genomen tot oprichting van een Taskforce ‘Werken aan ICT’. Deze tijdelijke Taskforce moet zorgen voor een snelle agendering van de oplossingsrichtingen en de initiatie van publiek-private projecten. Financiering van zulke projecten is vervolgens mogelijk in het kader van het Nationaal Actieprogramma ‘Elektronische Snelwegen’ en via Axis. Bedrijfsleven en onderwijsinstellingen participeren in de Taskforce; EZ en OCW zijn waarnemers. Een managementbureau ondersteunt de Taskforce.


Bijlagen

1999_Risseeuw_toelichting.pdf

Anatomy of Computer Systems – Experiences with a new introductory informatics course

Is it possible to convey, in no more than five days, some useful understanding of ICT and to elucidate what informatics has to do with all this?
A compact course in five days explores the phenomena of ICT top-down, from the level of Internet applications to the realisation of hardware by logical circuits, and illustrates the role of the science informatics with speaking examples. The course aims at insight in possibilities, limitations, and fundamental principles rather than at technical skills.
Goals and architecture of the course are established; a summary of its contents is given; the teaching method is sketched; and the experiences made when it first was given are summarised. The reactions of the participants can be found in an appendix.


Bijlagen

1999_Wupper_paper.pdf

Tien open problemen in de studie van rekenen en informatie

Een vakgebied is pas volwassen als je helder kunt zeggen wat je niet weet. In de afgelopen decennia heeft de informatica zich ontwikkeld van een hulpwetenschap voor de constructie van computers tot een scharnier-discipline die bijna alle wetenschapsgebieden met elkaar verbindt. Er is bijna geen wetenschapper of hij verzamelt data. Veel wetenschappers zien informatica toch nog als een soort ondersteunende discipline. Vaak heb ik de afgelopen jaren tegenover collega’s het standpunt verdedigd dat informatica toch echt een serieuze wetenschap is met hele diepe centrale problemen. Oh Ja! Welke problemen dan? Was vaak het antwoord. Voor mijn eigen plezier heb ik daarom een lijst gemaakt met fundamentele problemen in de studie van informatie en rekenen. Bij toeval kwam ik exact op 10 problemen uit, hoewel ik me vrij voel om er in de toekomst eentje bij te zetten of af te halen. Ik heb ze gerangschikt naar moeilijkheidsgraad. Het eerste probleem (Wat is een goede maat voor betekenisvolle informatie?) lijkt me oplosbaar, bij het tiende probleem (P = NP?) hebben we niet eens een idee waar te beginnen. In mijn lezing zal ik de lijst presenteren, de samenhang tussen de verschillende problemen toelichten en het verband met mijn eigen research naar betekenisvolle informatie bespreken. De lijst staat op: http://staff.science.uva.nl/~pietera/open_problems.html.


Bijlagen

2011_Adriaans_handout.pdf

Open ICT onderwijs: écht leren

Met open onderwijs verwijzen we naar het gebruik van ‘open educational resources’ – bronmateriaal dat vrij mag gebruikt, aangepast en verspreid worden. Voor het verspreiden, vinden en aanwenden van dergelijk materiaal hebben we met de ARIADNE stichting een wereldwijde technische infrastructuur uitgewerkt. Gaandeweg hebben we zo de schaarste aan leermateriaal vervangen door een overvloed die als motor van onderwijsinnovatie begint te werken. Een aantal voorbeelden uit de praktijk zullen deze evolutie illustreren.
Maar ‘open’ slaat ook op een aanpak waarbij de studenten niet worden afgeschermd van de ‘echte wereld’, maar integendeel werken aan realistische problemen. Daarbij is het erg belangrijk dat ze zelf hun weg vinden in het ontwikkelen van oplossingen voor onduidelijk gestructureerde problemen. Vaak proberen we de studenten in contact te brengen met reële eindgebruikers. Bij de activiteiten maken de studenten gebruik van mainstream platformen voor communicatie (blogs, facebook, twitter, …), waarbij ook interactie met geïnteresseerden buiten de cursuscontext wordt aangemoedigd en aangewend in de leeractiviteiten. Dit zal ik concreet illustreren met voorbeelden uit mijn eigen doceerpraktijk.


Bijlagen

2011_Duval_handout.pdf

Het HBO-I en het samenwerkingsverband ICT-onderwijs & bedrijfsleven

Binnen enkele jaren worden aanzienlijke tekorten op de ICT-arbeidsmarkt verwacht, ICT’ers zijn nodig om het noodzakelijke innovatievermogen te realiseren, met de toepassing van ICT in economie en maatschappij. Meer jongeren moeten worden gestimuleerd om te kiezen voor hun toekomst met ICT, een toekomst die uitdagend en perspectiefvol is. Om dat te bereiken zal het imago dat jongeren, hun ouders en decanen van ICT hebben, moeten worden verbeterd.
Het ICT-onderwijs werkt al jaren aan een hogere aantrekkelijkheid van de opleidingen, en het ICT-bedrijfsleven ontplooit verschillende activiteiten om jongeren te interesseren voor een toekomst met ICT.
Nu is een volgende stap gezet met de oprichting van een strategisch samenwerkingsverband. (www.HBO-I.nl). Het is voor het eerst dat een zo brede coalitie is gevormd om dit probleem aan te pakken. De doelstelling ligt bij het vergroten van de instroom en het verminderen van de uitval uit het onderwijs, het verbeteren van de doorstroom en een versterking van de aansluiting van het ICT-onderwijs op het ICT-bedrijfsleven.
Alleen door samenwerking kan Nederland de ambitie waarmaken te behoren tot de top vijf kenniseconomieën van de wereld. In deze samenwerking wordt een dringend beroep gedaan op het HBO-I, als invloedrijke en deskundige partner. Dat vraagt veel van ons.
In de presentatie wordt toegelicht hoe en waarom dit samenwerkingsverband ontstaan is. Wat is de visie van het HBO-I op dit samenwerkingsverband en hoe gaat het HBO-I bijdragen om de ambities van dit samenwerkingsverband waar te maken.


Bijlagen

2011_Jansen_1_handout.pdf

Bedrijfsleven en onderwijs: “een paar apart”

Er is veel behoefte aan afgestudeerde professionals die snel inzetbaar zijn in de ICT. In Nederland zijn de bedrijven aan de aanbodzijde van ICT verenigd in ICT~Office en aan de vraagzijde (gebruik van ICT voor de business) in het CIO Platform. Vooral op het gebied van het aanbod van opleidingen en om ervoor te zorgen dat de studenten de keuze maken voor ICT, is er een gezamenlijk belang van deze twee verenigingen. Samen werken meer dan zestig procent van de ICT’ers bij de aangesloten organisaties van deze twee verenigingen. In de presentatie zal helder worden gemaakt waarom samenwerken essentieel is en wat de overeenkomsten en verschillen zijn tussen de aanbod- en vraagzijde van ICT. Kortom: Een inspirerende bijdrage waarin we aangeven dat we graag samen met het onderwijs de kwaliteit van ICT-opleidingen willen verbeteren en hoe we hierin samen kunnen acteren. Een mooi voorbeeld geven de verenigingen zelf al door hun strategische samenwerking met(relevante organisaties in) het ICT-onderwijs.
Bijzonderheden:
Het is de eerste keer is dat zowel de vraagzijde van ICT (CIO Platform Nederland) als aanbodzijde (ICT~Office) als partijen aanwezig zijn, die overheid en bedrijfsleven vertegenwoordigen.
Bart en Foppe gaan in hun plenaire bijdrage het belang van deze samenwerking voor alle partijen adresseren. Het is een duo-presentatie die energie zal losmaken bij de aanwezigen omdat het bedrijfsleven en overheid vaak de “afnemer” is van de opgeleiden.


Bijlagen

2011_Vogd_ea_handout.pdf

Digitale openheid in alle onderwijs, ook in Informatica

Met de komst van Internet is de kiem gelegd voor digitale openheid van allerlei bronnen, of het nu gaat om software (open source), wetenschappelijke publicaties (open access), creatief werk (open content) of leermaterialen (open educational resources). Wat betreft OER is een wereldbeweging op gang gekomen met MIT die vanaf 2001 al haar cursusmaterialen vrij (gratis) online toegankelijk heeft gemaakt. Momenteel zijn er bijna 200 instellingen voor hoger onderwijs uit de hele wereld lid van het OpenCourseWare Consortium. Nederland zit als land, na een eerste project van de OU in 2006, in de OER-voorhoede met het vijfjarige Wikiwijs Programma, dat beoogt om in alle onderwijssectoren OER leidend te laten worden. Ook in de Verenigde Staten is inmiddels een nationaal programma opgezet voor community colleges van aanzienlijke omvang en waar alle leermaterialen OER zullen zijn.
Wat betekent dit voor het onderwijs, voor de docenten en voor de studenten en de leerlingen? Wat zijn de belangrijkste kansen en bedreigingen, de pluspunten en de knelpunten? Hoe zit het met de verantwoordelijkheid van instellingen en de overheid om de digitale openheid ook duurzaam te maken? Aan de hand van casuïstiek, zoveel mogelijk betrokken op informatica-onderwijs, wordt het speelveld geïllustreerd en geëxploreerd. Dit betreft het OpenER-project, de Spinozareeks, de Free Technology Academy en OpenU van de OU, het OpenCourseWare project van de TU Delft, de Netwerk Open Hogeschool voor Informatica (OU en diverse hogescholen), VO-Content in het voortgezet onderwijs, de Groene Kennis Coöperatie, de SURF Special Interest Group en natuurlijk Wikiwijs. De presentatie eindigt met een schets van mogelijke toekomstscenario’s in (inter)nationaal perspectief.


Bijlagen

2011_Mulder_handout.pdf