Een robot maken die uit zichzelf de weg door een doolhof kan vinden. Moeilijk om te maken of niet? Voor de middelbare scholieren die mee deden aan de 1ste Zuyd Robotics Challenge bleek dit mee te vallen.
Binnen de sector Techniek wordt voortdurend gezocht naar leuke manieren om (met name) middelbare scholieren te interesseren voor deze sector.
Afgelopen jaar is mede om deze reden voor het eerst een regionale Lego NXT Mindstorm competitie gehouden waarbij 10 groepen 1ste en 2de jaars middelbare scholieren aan mee deden.
In deze presentatie zal een toelichting gegeven worden hoe dit traject verlopen is en wat de verdere plannen zijn voor de toekomst.
Robots als basis voor een innovatieve, concrete manier van leren in het Primair Onderwijs
Het volgen van leerlingen in het primair onderwijs wordt steeds belangrijker. Leerlingen worden met behulp van leerlingvolgsystemen in de gaten gehouden. Scorelijsten met plusjes, minnetjes, cijfertjes en kleuren, gestandaardiseerde toetsen, de PO docent komt er in om. Of de docent en de leerling in het PO er gelukkiger en beter van worden, lijkt er weinig toe te doen. Een samenwerkingsproject tussen twee HO instellingen heeft de basis gelegd voor een nieuwe manier van leren en meten welke zich richting augmented learning begeeft. Opgeleverde producten zijn bijvoorbeeld twee treintjes welke gekoppeld zijn aan een rekenprogramma. Spelelementen zorgen hierbij voor extra intrinsieke leermotivatie en het leerproces is als neveneffect meetbaar geworden.
Deze nuttige en leuke verrijking van het onderwijs is interessant voor docenten in het PO, VO en HO. Voor HO is vooral de ervaring met de samenwerking tussen technische en PABO studenten interessant, voor andere onderwijssectoren zijn met name de mogelijkheden van concreet leren met hardware relevant.
Bijlagen
This is our Time
“This is our Time” heeft zich ontwikkeld van vrij gesloten e-mail project voor 2e Fase Voortgezet Onderwijs tot een flexibele multimediale leeromgeving voor intercultureel en internationale communicatieporjecten met een hoge mate van interactie voor diverse onderwijssectoren.
In de presentatie op NIOC’99 wordt uit de doeken gedaan wat de belangrijkste eigenschappen en factoren zijn die “Time” zo aantrekkelijk maken voor docenten en scholieren uit zoveel (>50) verschillende landen.
De rol van Informatietechnologie, met name de pragmatische toepassing van, staat daarbij centraal.
Verder wordt aandacht besteed aan de consequenties die concepten als “Time“ hebben voor het opleiden van Leraren- en ICT-deskundigen in het onderwijsveld.
De dia-presentatie op deze CD-Rom schetst iets meer van de algemene achtergronden en doelstellingen van “This is our Time”.
Het concept “Time” is bedacht en ontwikkeld door SMC-Telematica Heerlen en wordt sinds 1995 jaarlijks uitgevoerd in opdracht van Unesco.
Bijlagen
Nummer een word je nooit alleen
ThinkQuest is een jaarlijks terugkerende educatieve “web-strijd” voor leerlingen van basisscholen en van het voortgezet onderwijs, en van docenten en studenten. Zij maken in teamverband een originele en educatieve website die als lesmateriaal of als naslagwerk in het onderwijs gebruikt kan worden. De doelstelling van de ThinkQuest web-strijden is om iedereen in het onderwijsveld, leerlingen, studenten en docenten, actief met internet aan de slag te laten gaan. Om een website te kunnen bouwen, moeten de bouwers beschikken over een groot aantal vaardigheden, zoals samenwerken, communiceren en plannen, als het omgaan met informatie: verzamelen, ordenen, selecteren, rangschikken en presenteren. Vaardigheden waarover leerlingen van nu moeten beschikken om een vervolgstudie te kunnen doen of te kunnen gaan functioneren in de maatschappij. Bovendien groeit de hoeveelheid Nederlandstalige educatieve informatie op het internet, doordat ThinkQuest de inzendingen via de mediatheek op de website (www.thinkquest.nl/mediatheek/ ) gratis ter beschikking stelt aan alle internetgebruikers. De behoefte aan bruikbaar lesmateriaal op internet binnen het Nederlandse onderwijs is groot. De ThinkQuest-mediatheek komt ieder jaar meer tegemoet aan de vraag van ons onderwijs naar interactief lesmateriaal of achtergrondinformatie.
Bijlagen
Girls and ICT in education
Dit paper is een beknopte versie van de module die de cursus Informatievaardigheden van het Ruud de Moor Centrum van de Open Universiteit Nederland afsluit. Deze cursus is bedoeld voor leerkrachten: wat kunnen zij doen, gegeven het belang van informatievaardigheden voor leerlingen, om hun onderwijs op dit domein te versterken? De nadruk in deze module ligt echter op het aspect ‘meisjes en ICT in het onderwijs’. De achtergrond hiervan is dat te weinig meisjes voor een ICT-gerelateerde opleiding kiezen. Er zijn voldoende redenen om dit verschijnsel te doorbreken. De volgende aspecten komen aan de orde: genderaspecten, intrinsieke motivatie, de rol van de leerkracht en van educatieve software.
Bijlagen
Betekenisvol leren van informatievaardigheden: enkele ontwerprichtlijnen voor instructie
Leerlingen krijgen meer en meer te maken met activerende didactische werkvormen waarbij zelfstandig of in kleine groepen aan opdrachten wordt gewerkt. Dit vraagt het vermogen om een informatiebehoefte te onderkennen, in vragen te vertalen, informatie op te sporen, te beoordelen, te verwerken en er over te kunnen communiceren: Informatievaardigheden. De Onderwijsraad constateert in het rapport WWW.WEB-LEREN.NL (2003) dat de instructie die gericht is op de verwerving van deze vaardigheden in het huidige onderwijs vaak tekort schiet. De Open Universiteit/Ruud de Moor Centrum ontwikkelt hulpmiddelen voor docenten in het VO en BVE voor het ontwikkelen van Informatievaardigheden bij leerlingen. Deze bijdrage presenteert een aantal ontwerprichtlijnen voor instructie die docenten en onderwijsontwikkelaars kunnen helpen bij het ontwikkelen of verbeteren van het onderwijs in Informatievaardigheden.
Bijlagen
Een module over modelchecking voor het vwo
We beschrijven achtergrond, leerdoelen en opzet van een lesmodule over modelchecking voor klas 5-vwo, die dit jaar voor de derde keer verzorgd wordt in een samenwerking tussen de Radboud Universiteit Nijmegen en het Olympus College te Arnhem. Tevens doen we verslag van onze ervaringen bij het geven van deze module.
Bijlagen
UvA Webklas Informatica: Wat is een Programma?
De Webklas Informatica ‘Wat is een programma?’ is een korte cursus voor scholieren uit 5 en 6-vwo met een Wiskunde B-profiel. Deze webklas wordt sinds 2004 online aangeboden. De deelnemer leert een eenvoudige, imperatieve programmeertaal (programmeerervaring is niet nodig). Het inleveren van opgaven en de bespreking van resultaten en problemen gaat per e-mail. Bij sommige opgaven wordt een toolkit gebruikt, andere zijn theoretisch. De studielast is 10 uur en na succesvolle afronding volgt een certificaat.
Bijlagen
Taal- en spraaktechnologie
In samenwerking met Studio Taalwetenschap, en ingebed in een projectgroep Taal – en Spraaktechnologie heeft het nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling (de SLO) een module Spraaksynthese ontwikkeld en op het web beschikbaar gesteld. In de presentatie zijn de belangrijkste onderdelen van de module getoond. De uitwerking van enkele opdrachten is gedemonstreerd met behulp van de in de module genoemde syntheseprogramma’s. Ten slotte zijn enkele mogelijke aanvullingen genoemd op de stof van de module.
Bijlagen
Hoe denken we er over? Informatica in het voortgezet onderwijs
De auteur heeft onderzoek gedaan naar de verschillende inzichten en opvattingen over het vak informatica in het vo. Daarbij heeft hij informatici uit vo, hbo, wo, lerarenopleiding en auteursteams gevraagd om zevenendertig stellingen op een specifieke wijze te sorteren, volgens de regels van de Q-methodologie. Deze stellingen betroffen het vak informatica, de plaats van het vak en de rol van de docent. Negenenvijftig aangeschrevenen hebben de Q-sort ingevuld. Door clusteranalyse is gezocht naar punten van overeenstemming en van verschil, naar groepen gelijkgezinden en naar thema’s waarover groepen het eens zijn. De antwoorden clusterden tot vier factoren die ruwweg te benoemen zijn als de wetenschappelijke kijk, de docentvisie, de nononsense visie en de vernieuwersvisie. Bij iedere factor zijn kenmerkende en onderscheidende stellingen aangegeven.
